woensdag 26 december 2012

Vanzelfsprekend...


Door Theo Maas
Een van de vragen die in een interview van Xandra Schutte met Keklik Yucël gesteld wordt is: ‘Hoe zorg je dat de huidige en volgende generaties de waarden vrijheid, gelijkheid en solidariteit op waarde weet te blijven schatten aangezien ze steeds minder bewust zijn van de strijd die het heeft gekost om ze te verkrijgen.’ In dit artikel wil ik daar graag verder op ingaan.

Wat vanzelfsprekend aanwezig lijkt te zijn is moeilijk op waarde te schatten. Keklik Yucël (Tweede Kamerlid voor de PvdA) geeft dit zelf in haar interview met Xandra Schutte al aan. Daar waar haar vader het niet vanzelfsprekend vond dat hij en zijn gezin welkom waren in Nederland en hier konden werken en onderwijs kregen, net als autochtonen, ervoer Keklik juist ongelijkheid doordat haar vader daar richting Den Uyl zijn dankbaarheid voor toonde. Hoezo zou je daar dankbaar voor moeten zijn?

Zo zijn er meerdere voorbeelden waaruit blijkt dat datgene wat vanzelfsprekend aanwezig lijkt te zijn, z’n waarde lijkt te verliezen en daarmee ook het besef dat die zogenaamde vanzelfsprekendheden elke keer weer opnieuw bevochten moeten worden. Dat ze bewustzijn, inzet en volharding blijven vragen.
Enkele voorbeelden op verschillende niveaus en thema’s:

Vrijheid om te stemmen
stembiljet

In het verleden in Europa, in Nederland zo sterk bevochten. Letterlijk met bloed zweet en tranen veroverd, verloren en weer heroverd. Pas 90 jaar geleden in Nederland is het algemeen kiesrecht voor alle Nederlanders zeker gesteld, althans voor de time being. Bij gemeenteraadsverkiezingen is het Nederlanderschap geen eis, daarvoor hoef je ‘slechts’ 5 jaar legaal inwoner te zijn. (In het nieuwe regeerakkoord wordt dit verhoogd naar 7 jaar.) In 1970 is de opkomstplicht afgeschaft.
 
Bij de laatste verkiezingen sprak ik met allochtonen uit verschillende internationale conflictgebieden waaronder Afghanistan en Egypte. Vol ongeloof waren zij dat mensen de kans lieten lopen hun stem uit te brengen. Vol ongeloof omdat zij in hun land van herkomst zelf ervoeren wat het betekent om geen stemrecht te hebben, geen vrijheid te kennen om een mening te hebben, deze te laten horen, zich te verenigen, zich politiek te manifesteren. Zij gaven aan stemrecht niet zonder verantwoordelijkheid te beschouwen.
Bij een van de vorige verkiezingen ben ik voorzitter van een stembureau geweest. Wat mij opviel was dat sommige allochtonen maar ook ouderen, hun zondagse kleren aantrokken om hun stem uit te brengen, daarmee de waarde onderstrepend die zij hechten aan het uitbrengen van hun stem, aan hun recht én hun vrijheid om te stemmen.

Solidariteit
In 2011 had de Sociale Volksverzekeringsbank als thema voor hun jaarcongres: ‘Solidariteit en Sociale Zekerheid: kunnen we het nog wel uitleggen?’ In het voorwoord van een gelijknamige uitgave ter gelegenheid van het jaarcongres schrijft voorzitter Erry Stoové in de eerste alinea: ‘Hebben we nog een gemeenschappelijk gevoel bij onze samenleving? Hoe saamhorig zijn we anno nu? Een fascinerend thema, solidariteit.’ Solidariteit verbindt hij direct met gemeenschappelijk gevoel en saamhorigheid.
Juist de afgelopen weken, na de verkiezingsuitslag, de formatie en de presentatie van en discussie rondom het regeerakkoord ben ik eerlijk gezegd meer gaan twijfelen aan de aanwezigheid én kracht van het gemeenschappelijk gevoel en saamhorigheid. Kiezers die bij de coalitiepartijen meteen weer weglopen omdat zogenaamd verkiezingsbeloften gebroken werden en hun portemonnee harder geraakt of minder beloond werd dan beloofd was. Hun vraag was wellicht niet, solidariteit hoe kan ik eraan bijdragen, maar solidariteit hoe blijf ik buiten schot. 

Diederik Samsom is terecht teleurgesteld dat hij zo weinig mails heeft ontvangen over de korting van één miljard op Ontwikkelingssamenwerking. Terecht wordt ook opgemerkt dat échte solidariteit niet alleen in middelen voor ontwikkelingssamenwerking zitten, maar nog veel meer in eerlijke handel waarbij strak gehouden wordt aan onder andere internationale afspraken over eerlijke arbeid en duurzaamheid. Waarin landen niet leeggeroofd worden en geen zaken worden gedaan met regimes die democratische rechten van hun inwoners niet erkennen. En als dát staat, is het zelfs de vraag in hoeverre middelen voor ontwikkelingssamenwerking nog nodig zijn. Het is juist het gebrek aan solidariteit, gebrek aan respect voor mensenrechten, milieu en duurzaamheid die ontwikkelingssamenwerking noodzakelijk maken.

In navolging van Joop den Uyl; Twee dingen goed begrijpen…
Ten eerste: het CDA heeft de neiging om compassie en solidariteit te verwarren. Compassie is iets wat je hebt maar wat niet noodzakelijkerwijs aanzet tot, activeert. Compassie slaat op jezelf, jij hebt ergens of van iemand last waardoor je met dat vervelende gevoel van medelijden wordt opgezadeld. Solidariteit activeert echter en gaat daarom ook verder, solidariteit vraagt beweging, actie, inzet. Compassie biedt hooguit een aalmoes, vroeger bijvoorbeeld in de vorm van het inzamelen van zilverpapier. Solidariteit streeft naar gelijkwaardigheid.

De VVD gaat nog verder, zij individualiseert solidariteit: wie solidair wil zijn geeft zelf maar aan een goed doel, dat regelt zichzelf wel. De VVD ontkent daarmee de verantwoordelijkheid van een samenleving, vermaakt de overheid tot een gedehumaniseerd instituut. Ik daag hen uit om hun tweede V niet alleen voor zichzelf, maar ook voor anderen, niet alleen voor ons land maar ook voor andere landen in te vullen. De V van Vrijheid die staat voor gevrijwaard zijn van misbruik van macht en kapitaal om de ander te onderdrukken en uit te buiten. De macht van de markt om niet mensen, vrijheid en gelijkwaardigheid te dienen, maar te ondermijnen. De macht van de ongecontroleerde markt om een samenleving kapot te maken.

Ten tweede: Is solidariteit hetzelfde als broederschap? ‘Liberté, egalité et fraternité’ heet het motto van de Franse revolutie te zijn. Bijzonder is, dat in de loop van de tijd dit z’n varianten heeft gekend (onder Napoleon gold de leuze "la Nation, la Loi, le Roi" (de Natie, de wet, de Koning), of "Union, Force, Vertu" (Eenheid, Kracht, Deugd), en tijdens de Duitse bezetting in de Tweede Wereldoorlog werd het vervangen door "Travail, famille, patrie" (Werk, familie, vaderland) door maarschalk Pétain). Broederschap gaat voor mij verder dan verwantschap van broers en/of zussen. Broederschap staat voor mij gelijk aan gekozen verwantschap, zich verbonden weten met en vandaaruit zich solidair weten met.
De vraag die ik me stel is of de grondleggers van het motto Liberté, egalité et fraternité bewust deze termen ook in deze volgorde hebben gezet. Vrijheid als voorwaarde voor gelijkheid, als voorwaarde voor broederschap? Met andere woorden, kun je pas invulling geven aan solidariteit als vrijheid en gelijkheid verankerd zijn?

Aan de andere kant zie je dat ervaren onvrijheid mensen verbroedert, kijk maar naar de Arabische Lente waarin het streven naar en de strijd voor vrijheid mensen verbindt en verbroedert. Bijzonder ook om te constateren dat dáár de solidariteit gevonden wordt in het streven naar een gezamenlijk belang en dat híer solidariteit juist ter discussie staat omwille van het eigen belang.

Tjonge, deze constatering roept veel vragen op. Met name over de ingang die we hebben te vinden om het belang van solidariteit uit te leggen, te motiveren, te onderbouwen. Blijkbaar gaat het daar mis en niet zo’n beetje ook. En kom ik weer uit bij de vraag die de SVB zich ook al stelde. ‘Solidariteit en Sociale Zekerheid, kunnen we het nog wel uitleggen’. Of anders gesteld: ‘(Internationale) Solidariteit en (internationale) Sociale Zekerheid, hoe gaan we dat en blijven we dat uitleggen.
Hebben we daarbij niet veel meer aandacht te besteden aan het zogenaamde ‘welbegrepen’ eigen belang. Is dat eigen belang nog wel ‘welbegrepen’. Hoe kunnen en moeten we dat ‘welbegrepen’ eigen belang niet continu veel duidelijker verbinden in onze politieke boodschap.

Hoe kunnen we huidige maar vooral ook komende generaties voor wie verworvenheden van onze sociaal democratische politieke idealen als vanzelfsprekend ervaren worden; meer als een recht dan als resultaat van eigen verantwoordelijkheid, eigen inzet, eigen bloed, vlees en tranen gezien wordt; als iets dat je kunt claimen in plaats van aan moet bijdragen beleefd wordt; hoe kunnen we die huidige en komende generaties niet alleen overtuigen van maar ook medeverantwoordelijk maken voor de realiteit én noodzakelijkheid dat vrijheid, gelijkheid en solidariteit pas waarde krijgt als je het zelf waarde geeft. Door op de eerste plaats, ongeacht je leeftijd, je sociale status, je afkomst of toekomst eraan bij te dragen en op de tweede plaats er ongeacht je leeftijd, je sociale status, je afkomst of toekomst er sober gebruik van te maken. Omdat je respect hebt voor degene die bijdraagt. Ook dat is solidariteit. Omdat je weet dat het niet vanzelfsprekend is en elke keer opnieuw bevochten moet worden. Omdat je weet dat een samenleving niet zonder jou kan. 

Vanzelfsprekend…

donderdag 6 september 2012

Ik ben Björn en ik heb talent

kaft 'Ik ben Björn, deel 1


Ik ben Björn, deel 1. Een veelbelovende titel van een bijzonder boek. Er zijn tenslotte niet zoveel kinderen van bijna 13 jaar die een boek schrijven. Er zijn nog minder kinderen van bijna 13 die meteen ook deel 2 aankondigen. Een boek over jezelf, over je familie, je school, over je hobby’s, over wie je bent, wat je goed kunt, waar je hulp bij nodig hebt, wat je leuk, vervelend of moeilijk vind. Een boek waarmee niet alleen Björn zichzelf beter heeft leren kennen, maar waarmee ook anderen Björn beter kunnen leren kennen. Soms vergeet ik bijna dat Björn Downsyndroom heeft.



Ik kén Björn, een beetje, al verschillende jaren. En ik geniet van onze ontmoetingen, zijn onverwachte e-mailtjes, sms’jes en facebookberichten. Zo kreeg ik eens een mailtje: “geachte wethouder, kun jij een taxi voor mij regelen, want ik moet volgend jaar naar de Berkenschutse in Heeze. Of kun jij mij wegbrengen, want ons pap moet werken, en ons mam ook.”
Ik geniet van zijn talenten en soms van zijn nukken. Ik geniet van zijn hartelijkheid en gezelligheid.

Met een gouden randje

Talent is er volop, in Someren, in Nederland, in Europa. We genieten er volop van. Hier in Someren hebben we nog niet zo lang geleden Mink van der Weerden kunnen huldigen, zilveren medaillewinnaar bij de Olympische Spelen in Londen, Olympisch topscoorder bij het hockey, zilver met een gouden randje dus.

Talent is er ook bij de paralympics die op dit moment plaatsvinden. Uit onze buurgemeente Asten doet daar de 26 jarige John Swinkels aan mee. Hij heeft na een ongeluk motorische beperkingen als gevolg van een hersenbeschadiging. Dat weerhoudt hem niet om het sportieve talent dat hij al had uit te buiten en zich opnieuw naar een hoog niveau te voetballen.

Verheffing en talent Voor de Partij van de Arbeid heeft talent én talentontwikkeling van mensen altijd al hoog in het vaandel gestaan. Vroeger noemden we dat ook wel eens verheffing. Een ouderwetse term maar met onverminderde kracht en waarde.

Ieder mens heeft talent. Als PvdA kiezen we ervoor dat ieder mens er recht op heeft dat talent zich kan ontwikkelen. Op de eerste plaats om daarmee voor jezelf te zorgen en eigen verantwoordelijkheid te dragen. Maar daarnaast ook om met dat talent bij te dragen aan je eigen omgeving, aan een sterke en sociale samenleving. We kunnen het ons niet veroorloven om talent ongekend en onbenut te laten. We spreken mensen ook áán op hun talenten en hun vermogen om dat te ontwikkelen. Talent, net als adel verplicht.

Ieders talent telt

'dan ben ik net zo als iedereen,
héééééé'l gewoon en met
véééééé'l talent!!!
Als Partij van de Arbeid investeren we in ieders talent, met goed en toegankelijk onderwijs, dat oog en oor heeft voor de diversiteit van talenten van kinderen. Onderwijs dat ook aan kan sluiten wanneer de ontwikkelingen van dat talent meer of speciale aandacht vraagt. Ruimte dus voor passend onderwijs, liefst in de eigen omgeving, en als dat nodig is in een speciale omgeving.

Björn heeft de afgelopen jaren de ondersteuning gekregen om zijn talent te ontwikkelen. Van zijn ouders, zijn zus, zijn begeleiders, zijn familie. Zijn basisschool, De Diamant heeft hem alle ruimte en ondersteuning gegeven om samen met kinderen uit het dorp hier te kunnen opgroeien. Zij verdienen daar een groot compliment voor. Nu gaat hij naar de Berkenschutse in Heeze om verder te leren en te groeien.

Arbeidsmarkt
Ook op de arbeidsmarkt investeren we om ieders talent in te kunnen zetten. Met goed voorbereidend-, beroeps-, en wetenschappelijk onderwijs als basis. Met goede participatievoorzieningen voor als het nodig is, met ondersteuning van werkgevers én werknemers zodat zij elkaars talent kunnen versterken en samen kunnen werken aan een innovatieve en sterke bedrijven en economie.

Kracht lokale samenleving Hier in Someren investeren we om talenten van mensen in te zetten voor verenigingen, clubs, bij vrijwilligerswerk en ondersteuning van mantelzorg. Zoals gezegd, we kunnen én willen het ons als lokale samenleving niet veroorloven om talent onbenut te laten.

Björn en Mink Ik ga ervan uit dat Björn zich verder zal ontwikkelen tot een gewoon lid van onze mooie gemeente. Ik ga ervan uit dat hij werk in wat voor vorm dan ook kan doen dat van waarde is, gezien en gewaardeerd wordt. Dat hij mee kan doen met clubs en verenigingen waar zijn eigen interesse ligt. Ik hoop dat hij Mink van der Weerden tegenkomt bij de hockeyclub waar Björn ook lid van is. Kunnen ze elkaar tips geven hoe je kunt werken aan leren, kunt werken aan de ontwikkeling van je talent. En hoe je anderen kunt laten genieten van je talent.

Het boek ‘Ik ben Björn deel 1’ overhandigen Björn en ik jullie graag. Helaas hebben we nog maar één exemplaar beschikbaar. Het boek is namelijk uitverkocht. De belangstelling is groot. En terecht.

Samen werkt beter Laat het boek jullie inspireren om ook vanuit Den Haag te blijven werken aan goede randvoorwaarden waarbinnen talent van mensen altijd te ruimte krijgt om ontdekt en ontwikkeld te worden. Dat is een basis voor een eerlijke, sterke en sociale samenleving. Daar werken we samen aan, lokaal en landelijk. Want we weten het maar al te goed: Samen werkt beter.

Theo Maas PvdA Someren


(tekst geschreven voor de overhandiging van het boek 'Ik ben Björn, deel 1' aan kandidaat kamerleden voor de Partij van de Arbeid tijdens hun campagnebezoek aan de Peelgemeenten Someren, Asten, Deurne, Gemert-Bakel, Laarbeek en Helmond op 7 september 2012)

zaterdag 21 juli 2012

Welke winst pakken we?


Kan de maximumsnelheid op de A2 naar 130 km per uur. Gisteren was deze discussie volop in het nieuws. Was eerder met A2 gemeenten de afspraak gemaakt dat 100 km de maximumsnelheid was. Nu wordt door VVD en CDA op die afspraak teruggekomen. Neen, zo werd geredeneerd, de afspraak was niet gericht op beperking van de maximumsnelheid maar op de geluids- en milieubelasting. En als voortschrijdende techniek die belasting terug weet te dringen geeft dat ruimte. Toch?


Op meerdere fronten zien we dezelfde discussie terug die in mijn ogen voorbij gaat aan de essentie. Een essentie die ik met name verwacht terug te vinden bij partijen die regelmatig spreken over duurzaamheid, over rentmeesterschap en over ‘schulden’ niet aan toekomstige generaties nalaten. Een essentie die bij de PvdA leidend is. Minder milieubelasting en beleid dat gericht is op een schone leefomgeving voor iedereen. Ook in de buurt van snelwegen en ook in gebieden met (intensieve) landbouw.



Daarom lijkt mij dat winst die door technologische innovaties binnengehaald kan worden niet moet worden verbruikt door het verruimen van aantallen of verhogen van snelheden. Winst moet wat mij betreft leiden tot verbetering van kwaliteit van leven en dus vooral, tot minder belasting van toch al overbelaste ecologische systemen.

Ook op gebied van intensieve landbouw. Slimmere technieken moeten niet leiden tot nog meer productie, maar tot minder belasting van het milieu en minder bedreiging van de volksgezondheid. Dat lijkt me, is pas écht rentmeesterschap, dát is pas echt duurzaam en verantwoord beleid. 

En dat overstijgt wat mij betreft toch echt het belang van 3 minuten tijdwinst die verhoging van de maximumsnelheid tussen Vinkeveen en Utrecht oplevert. 

vrijdag 20 juli 2012

Vrijheid sterker dan angst


Een jaar geleden, zondag 22 juli is het een jaar geleden. Een vakantiedag, een kleine 20 graden, nauwelijks neerslag. Een dag als vele anderen. Tot dat kort voor half vier in Noorwegen twee aanslagen de datum 22 juli definitief z’n zwarte rand zouden geven. Een bomaanslag in Oslo en twee uur later het bloedbad op het eiland Utøya, de thuishaven van de jongerenafdeling van de Noorse Arbeiderspartij. In totaal zijn er 77 slachtoffers waaronder 69 kinderen. Het antwoord van de Noorse samenleving is indrukwekkend.

De motivatie die de dader noemt voor zijn daden vinden z’n oorsprong in angst; angst voor vervuiling van de Noorse samenleving door immigranten, angst voor verlies van traditionele Noorse waarden, angst voor islamisering. De Noorse samenleving is in shock, zovele slachtoffers, zoveel naasten die achterblijven in verbijstering en verdriet, zoveel ongeloof en onbegrip.

Over grenzen
En de verbijstering gaat over de grenzen van Noorwegen heen. In de hele Europese samenleving wordt meegeleefd en meegerouwd. Op hoog niveau; staatshoofden, regeringsleiders en ook de voorzitters van de Europese Raad en Europese Commissie betuigen hun medeleven met het drama dat deze terroristische daad teweeg heeft gebracht. Maar ook op individueel menselijk niveau werd ongelooflijk massaal meegeleefd met de hele Noorse samenleving. Het aantal berichten via social media was ongekend. Noorwegen wist zich niet alleen, alle Noren wisten zich niet alleen.

Koning Harald tijdens zijn toespraak
Ik houd vast
Koning Harald sprak in een tv-toespraak indrukwekkende, emotionele en emotionerende woorden: ” ik houd vast aan de overtuiging dat vrijheid sterker is dan angst. Ik houd vast aan het geloof in een open democratie en de Noorse samenleving. En ik houd vast aan het geloof in ons vermogen om vrij en veilig te wonen in ons eigen land.”

Regenboog
Het antwoord, niet alleen van Koning Harald, maar van de hele Noorse bevolking is ongelooflijk sterk. Ongelooflijk sterk vasthoudend aan de kernwaarden van een open, transparante, sociaal democratische samenleving. Dat werd nog eens onderstreept met de demonstratie van meer dan 40.000 Noren op donderdag 26 april. Zij zongen, begeleid door Lillebjørn Nilsen op een ukelele het kinderlied ‘Kinderen van de regenboog’. (
link naar lied en Engelse vertaling)

Terugdenken met verdriet én bewondering
Zondag is het 22 juli en denk ik terug aan een jaar geleden. Maar ik denk nog meer terug aan het sterke antwoord van de hele Noorse samenleving. Dát is een samenleving waaraan ik ook in Nederland wil werken, waar ik voor wil gaan en staan. Een samenleving waarin niet angst de weg leidt naar individualisme, isolationisme, protectionisme en separatisme, maar een samenleving waarin, voor iedereen die daar deel van uit maakt er respect en gelijke kansen zijn. Een samenleving ook waarin iedereen de schouders eronder zet, daartoe wordt ondersteund én ook op wordt aangesproken. Want samen máken we die samenleving, zoals de Noren het afgelopen jaar hebben laten zien dat ook zij samen voor die samenleving staan. Indrukwekkend, een voorbeeld voor velen. Zondag denk ik terug met verdriet voor wat gebeurd is, en met bewondering voor het antwoord wat daarop gegeven is.

Theo Maas
19 juli 2012

zaterdag 18 februari 2012

Modern times are here again

Op de achterkant van 'Lava', het magazine van de Jonge Socialisten staat het verhaal over Brigitte de Waal (filmpje écht even bekijken!) Zij is schoonmaakster op een basisschool in Groningen. Maar vooral is zij slachtoffer van een aanbestedingsproces waardoor zij hetzelfde werk, voor een andere werkgever, voor een lager loon en in minder tijd moet doen. Resultaat: vervuilde klassen, mopperende leerkrachten en ouders en natuurlijk een kostenbesparing. Brigitte kan het allemaal niet meer zo veel schelen. Met zo weinig waardering voor haar werk voelt zij ook geen verantwoordelijkheid en betrokkenheid meer. Alle positieve binding is verloren. 

Een verhaal kenmerkend voor deze tijd. Alle lucht wordt uit de productieprocessen geperst waardoor vooral mensen die het werk moeten verrichten letterlijk ook geen lucht meer krijgen. De menselijke factor arbeid wordt in stukjes geknipt en efficiënt opgedeeld. Maar eigenlijk is dat geen nieuw verhaal, integendeel! Charlie Chaplin maakte er al een sprekende stomme film over; 'Modern Times'. De boodschap van deze film uit 1936 zet haarscherp neer hoe alle persoonlijkheid uit mensen geperst wordt ten faveure van het efficiënte productieproces, ten faveure van het kapitaal, ten faveure van de bonus voor hen die hun handen niet vuil maken.

Veertig jaar dezelfde muur
Ik ken het verhaal ook van mijn schoonvader, veertig jaar gereedschapsslijper bij van Thiel United in Beek en Donk. Veertig jaar aan dezelfde werkbank, veertig jaar tegen dezelfde muur aan kijken, veertig jaar hetzelfde werk. Zijn ziektedagen in al die jaren waren te tellen op de vingers van 3 handen. Het bijzondere was dat hij altijd vol trots kon vertellen over zijn vakmanschap. Over honderste van millimeters die hij op het oog en met gevoel in de vingers had. Na veertig jaar kon hij met vervroegd pensioen. AOW'tje met een klein pensioentje van nog geen € 300 per maand. Trots op z'n werk, maar niet op z'n werkgever.

Vergeten gouden jubileum
Ik ken het verhaal ook van de grootvader van mijn vrouw. Geen veertig, maar vijftig jaar werkte hij bij datzelfde van Thiel United. Het werd een bijzonder jubileum, vooral omdat zijn werkgever het niet in de gaten had. Het was de nekslag voor hem. Toen men er twee jaren later achterkwam bood men hem alsnog een receptie aan en een gouden horloge. Hij heeft dat wel aangepakt maar nooit gedragen. Het raakte hem ongelooflijk hard en tot z'n laatste adem toe werd hij er nog emotioneel over als hij terugdacht aan hoe men hem vergeten was.

Werknemers als elastiek
Het verhaal herhaalt zich elke keer weer. En laten we er nog maar een schepje bovenop doen. Minder rechten voor werknemers, minder rechtszekerheid en arbeidszekerheid. Weg met de ontslagbescherming en hoera voor de flexibiliteit. Als elastiek moeten werknemers zich in los verband door hun carrière zien te slaan.

Mens meer dan factor arbeid
Ik zeg niet dat er geen vernieuwing moet zijn op de arbeidsmarkt. Integendeel, kijkend naar alle ontwikkelingen op gebied van globalisering, technologie, digitalisering kan het niet anders dan dat dat ook voor arbeid veranderingen met zich meebrengt. Maar daarbij kunnen nooit alleen de financiële belangen eenzijdig voorop staan. Een mens is meer dan alleen een factor arbeid. Een mens heeft vanzelfsprekend de plicht om naar vermogen zijn werk goed te doen. Maar daarmee verwerft hij ook het recht om als mens gewaardeerd, gerespecteerd en gezien te worden. En geloof me, als je wilt dat mensen zich betrokken voelen bij hun werk, daar het beste van zichzelf willen laten zien dan zullen we naar andere oplossingen moeten groeien.

Bonus NS en ProRail
En dan zou wat mij betreft bijvoorbeeld de bonus van de NS en ProRail directie naar de uitvoerende mensen in de treinen en aan het spoor mogen gaan. Want zij waren het die door het wanbeleid letterlijk en figuurlijk in de kou stonden en alle klappen op mochten vangen. Als de directie oog én hart heeft voor haar werknemers komen zij zelf met dat idee, ze mogen het gratis van mij hebben. En als die bonus sowieso niet uitgekeerd wordt vanwege hùn wanprestatie zouden zij een flink deel van hun salaris vrijwillig af kunnen staan. Dat lijkt me pas echt eerlijk.

maandag 3 oktober 2011

Hoorzitting 2de Kamer Wet Werk en Bijstand

Hoorzitting 2de kamer WWB

Vorige week werd ik gevraagd om deel te nemen aan een hoorzitting in de 2de kamer met als onderwerp de voorgenomen wijzigingen in de Wet Werk en Bijstand. Daar heb ik vanzelfsprekend graag gehoor aan gegeven. Hieronder de inleiding die ik heb gegeven, aansluitend op de inleidingen vanuit vele organisaties waaronder VNG, Divosa, FNV, Stichting Vluchtelingenwerk, Mezzo, diverse collega-wethouders, etc.

De lijn bij iedereen was helder en eenduidig: onzorgvuldig, te snel, niet uitvoerbaar, veel ongewenste neveneffecten en ontbreken van samenhang. Praktisch iedereen pleitte ervoor om de invoering met 1 jaar uit te stellen zodat de aanpassingen in de WWB samen, en in samenhang met de Wet Werken naar Vermogen ingevoerd kunnen worden.

De komende dagen zal moeten blijken of de 2de Kamer gehoor gaat geven aan deze breed gedragen oproep.


Mijn bijdrage:

Ik hoef u niet te vertellen wat u vandaag al uit zoveel monden hebt gehoord.

Ik hoef u niet te vertellen over de onmogelijkheid om per 1 januari 2012 op een verantwoorde en goed voorbereidde wijze uitvoering te geven aan de voorgenomen nieuwe kaders van de WWB. In het meest gunstige geval zijn de software-matige aanpassingen pas per die datum beschikbaar maar nog niet geïmplementeerd en medewerkers nog niet geïnstrueerd. Maar dat weet u al, onder andere de VNG heeft u daar al op gewezen alsook dat tijdelijke uitstel en noodscenario's tot nog meer extra werk en vooral veel onduidelijkheid zal leiden. Het is u genoegzaam bekend.

Ik hoef u ook niet te vertellen dat er voor een aantal zeer kwetsbare groepen een opeenstapeling van maatregelen en aanpassing van beleid plaats zal gaan vinden. Allen ten negatieve voor hen uitpakkend. Het zijn juist deze kwetsbare groepen waarbij onwil om te werken en zo te voorzien in eigen inkomen nauwelijks aan de orde is. Bij die groepen is veel vaker sprake van onwil en of onvermogen van werkgevers om gebruik te maken van hun talenten en mogelijkheden. Het zijn juist die kwetsbare groepen die zich sterk maken om mee te kunnen doen, om er toe te doen, om niet uitgesloten te worden. Ik hoef u dit allemaal niet te vertellen. Het is u genoegzaam bekend.

En ik hoef u al helemaal niet te vertellen dat de invoering van de gezinstoets tot zeer ongewenste effecten zal leiden. Niet zozeer alleen bij mensen die misbruik willen maken van voorzieningen, maar ook hier vooral weer bij kwetsbare gezinnen. Gezinnen die gedwongen zullen worden uit elkaar te gaan om zich financieel te kunnen blijven redden. De voorbeelden hiervan zijn u vandaag en in de afgelopen maanden in overvloed voorgelegd. Ik hoef u dit allemaal niet te vertellen, het is u genoegzaam bekend.

Ook hoef ik u niet te vertellen dat medewerkers aan de loketten bij het hanteren van deze gezinstoets in toenemende mate geconfronteerd worden met zeer lastige situaties en naar verwachting met toenemende agressie. Juist vandaag verscheen er een rapport waarin een toename met maar liefst 8 % over 4 jaar gemeld wordt voor wat betreft agressie en geweld bij Sociale Diensten.
 

Ik heb ook geen indrukwekkende of soms zelfs duizelingwekkende bedragen en aantallen personen voor u. Ik ben dan ook niet van de G4, niet van de G32 en zelfs niet van de B5. Ik ben, zo zou je kunnen zeggen van de K 138, want de gemeente Someren waar ik wethouder ben komt op de 138ste plaats als het op inwoneraantallen gaat met ruim 18.000 inwoners

Wij hebben slechts 146 wwb'ers, 20 wij'ers, 11 ioaw'ers en 41 niet uitkeringsgerechtigden waaronder zelfstandige ondernemers die keihard werken maar nauwelijks het hoofd boven water houden. 

Van hen zit 26 % in trede 5 en 6 van de participatieladder en 74% heeft een grote afstand tot de arbeidsmarkt. In 2010 hebben 111 van hen een langdurigheidstoeslag ontvangen en 91 personen kwamen in aanmerking voor categoriale bijzondere bijstand chronisch Zieken en gehandicapten.

Een zeer groot gedeelte is dus moeilijk bemiddelbaar naar betaalde arbeid. Daar is de laatste jaren al veel in geïnvesteerd en dat willen we ook blijven doen. Ook als het vooruitzicht op uitstroom uit de uitkering er niet of nauwelijks is.

In Someren gaan we uit van participerende dienstverlening. Tegenwoordig heeft men het vaak over high trust en high penalty. Helaas moeten we concluderen dat de voorgestelde ingrepen gebaseerd zijn op low trust, en eigenlijk op no trust.

De voorgestelde maatregelen zetten deze mensen, die langdurig op de inkomensondersteuning vanuit de WWB of straks de WWNV zijn aangewezen op ernstige en ontwrichtende armoede. Dat is niet te redden met aanpassing van het uitgavenpatroon zoals veronderstelt wordt. Die ontwrichting zal zich ook niet beperken tot achter de voordeur. 
 
Wat ik u wel kan vertellen is, dat ik mij zeer ernstige zorgen maak. Natuurlijk is een vergelijking met de Titanic overdreven. Alhoewel de Titanic ook een project was dat gestuurd werd door een blinde, op prestige gerichte ambitie. Een ambitie die de verantwoordelijken blind maakte voor de signalen van deskundigen en mensen op de werkvloer. Signalen van mensen die met hart en ziel meewerkten aan die gigantisch uitdagende opdracht. Om een prestatie neer te zetten die zijn weerga niet kende. Ondanks de waarschuwende signalen vertrok het schip te vroeg en voer het te snel. De afloop kent u. 

Met de ambitie van dit kabinet is op hoofdlijnen ook niets mis: meer mensen aan het werk, minder mensen in afhankelijke uitkeringssituaties, participatie ook van mensen die minder loonwaarde kunnen realiseren, snellere, efficiënte, effectieve en consequente handhaving waardoor misbruik snel en streng gehandhaafd wordt. En dit alles met als doel om de collectieve uitgaven in de sociale zekerheid structureel en substantieel te beperken. 

Deze ambitie wordt door vele politieke partijen en maatschappelijke instanties gedeeld met dit kabinet. En ook door alle gemeenten. Velen zijn ook bereid om daar gezamenlijk de schouders onder te zetten, resultaat neer te zetten. Maar even zovelen waarschuwen dit kabinet, aan de ene kant voor de problemen die de te snelle uitvoering met zich mee zal brengen, aan de andere kant voor de ongewenste neveneffecten die de manier waarop de instrumenten worden vormgegeven met zich mee zal brengen. 

Het laatste wat dit kabinet zal kunnen zeggen is: hadden we dat maar eerder geweten. Wanneer dit kabinet besluit om, zonder de vereiste aanpassingen in koers en constructie van het schip uit te varen, kent het de risico's waarvoor het genoegzaam is gewaarschuwd. 

Met deze Titanic zou Piet Hein in 1628 nooit zijn uitgevaren om de Zilvervloot binnen te halen. Die Piet Hein, die bekend stond om het feit dat hij zijn manschappen nooit onnodig en zonder reden in gevaar bracht, niet. 

zondag 18 september 2011

Harde noten in zachte portefeuilles

Door Theo Maas, PvdA wethouder Someren,
18 september 2011

Het zijn drukke, rumoerige en in alle eerlijkheid ook moeilijke weken als wethouder. Helemaal als je de de zogenaamde zachte portefeuilles hebt als sociale zaken, jeugdbeleid, zorg&welzijn, onderwijs. Nog nooit werden in juist die portefeuilles zulke harde noten gekraakt als nu. De miljoenennota zet dit alles nog eens scherp neer.

Door de stapeling van alle maatregelen worden de meest kwetsbare mensen in je gemeente in nog kwetsbaardere posities gemanoevreerd: minder geld voor armoedebestrijding, voor ondersteuningsmogelijkheden voor uitkeringsgerechtigden, voor chronisch zieken en gehandicapten, voor kwetsbare kinderen, voor het onderwijs.

Bewust gekozen onafwendbare storm
Als PvdA-wethouder voel je iets onvermijdelijks op je afkomen. De vergelijking met Pukkelpop dringt zich bij me op, een onafwendbare storm. Het grote verschil is echter dat die storm een natuurverschijnsel was waar men niet de hand in had en dus niet de keuze was van een verantwoording dragende regering. Neen, hier gaat om een regering die de verantwoordelijkheid heeft voor een gezonde en sociaal-economisch evenwichtige samenleving. Voor een samenleving waarin mensen verantwoordelijkheid niet alleen voor zichzelf, maar vooral voor elkaar kunnen nemen. Het is een doelbewuste keuze van een regering die kiest voor ieder voor zich en god (bewust met een kleine letter!) voor ons allen. Met hier een daar wat cosmetisch en symbolisch gedoe om het toch nog ergens op te laten lijken. Maar je moet eigenlijk toch wel erg blind zijn als je niet wilt zien dat het eigenlijk veelal sigaren uit eigen doos zijn en vooral, wat de sociale gevolgen zijn. Hoe het groepen mensen in onze samenleving apart zet en uitrangeert. Voor een eenvoudige wethouder in een kleine plattelandsgemeente lijkt deze storm onafwendbaar.

Tijdelijk, langdurig, levenslang
Henk en Ingrid, Frank en Mirella, Bert en Truus zijn de namen en gezichten achter de getallen die soms astronomisch lijken te zijn. En als je niet uitkijkt denk je dat het met die astronomische bedragen toch mogelijk moet zijn om alle vragen van mensen beantwoord te krijgen, om iedereen die dat niet op eigen kracht lukt dat steuntje in de rug te geven zodat ze wel mee kunnen doen. Het liefst tijdelijk natuurlijk maar als het echt moet ook langdurig of zelfs levenslang. Dat 21ste extra chromosoom raak je immers niet kwijt, de halfzijdige verlamming na dat auto-ongeluk wil ook maar niet over gaan, niet élke psychose en manisch depressieve bui is een modegrill en ik moet ook de eerste oudere nog tegenkomen die hersteld is van Alzheimer.

Welvaart én welzijn
Het zijn niet de getallen en bedragen die ons zouden moeten imponeren. Het zijn de verhalen en gezichten van mensen en eigenlijk de hoopgevende verhalen van mensen die graag mee willen doen in een van de meest welvarende landen van de wereld. Mensen die ondanks hun beperking, tijdelijk of permanent zich het vuur uit de sloffen willen lopen, het beste van zichzelf willen geven, ertoe willen doen. Mensen die willen én kunnen bijdragen niet alleen aan onze welvaart, maar vooral ook aan het welzijn van iedereen. Mensen die erop uit zijn hun aandeel aan de samenleving te leveren en zeker niet alleen er op uit zijn om hun deel op te eisen, laat staan méér dan hun deel.

Zorg voor kinderen
Het zijn de verhalen en gezichten van kinderen met een beperking waarvan de ouders mij de laatste weken meer en meer vragen of ik als wethouder er voor kan zorgen dat hun zoon of dochter het onderwijs krijgt dat het beste uit hen haalt, of ik kan garanderen dat zij straks werk kunnen krijgen, liefst hier in de eigen gemeenschap. Zodat anderen kunnen zien dat hun kinderen niet alleen beperkingen hebben maar vooral ook mogelijkheden. Dat ze een inkomen krijgen dat hen in staat stelt om op een eenvoudig niveau mee te kunnen doen zonder afhankelijk te worden van goede doelen en charitas. Dat zij ertoe doen en niet alleen vrijwilligers nodig hebben maar ook vrijwilliger kunnen zijn.
Hoe komt het toch dat juist deze ouders slechter slapen, zich zorgen maken over de toekomst, mij benaderen. Hoe kan het toch dat zij zich meer en meer alleen voelen komen staan. Hoe kan het toch dat dat in een land met de traditie van Nederland zover komt.

Het zijn drukke, rumoerige en in alle eerlijkheid ook moeilijke weken voor een eenvoudige wethouder. Wat kan ik doen om het tij te keren, om ervoor te zorgen dat de belangen van de mensen die in mijn gemeente wonen, wiens naam en gezicht ik ken gediend worden. Dat hun vragen en zorgen gezien, gehoord, serieus genomen en beantwoord worden.

Samen werkt beter
Met collega PvdA-wethouders praat je hierover. Gisteren nog zijn we met een aantal wethouders en raadsleden in Amsterdam bij elkaar gekomen. Om met elkaar te zoeken naar mogelijkheden om de storm nog af te wenden, naar mogelijkheden om samen slim samen te werken in het bedenken hoe we lokaal de stormbanden kunnen vastsjorren, om onze Tweede Kamerfractie te ondersteunen in hun strijd om dit beleid te keren. De komende tijd zullen we elkaar nog hard nodig hebben. Gelukkig ligt dat in de aard van onze partij, samen werkt immers beter dan ieder voor zich.

PvdA, juist nu
Kunnen we als PvdA-wethouders wel verantwoordelijkheid voor nemen voor wat er op ons, en vooral op onze inwoners afkomt. Moeten we niet, ook symbolisch natuurlijk, onze portefeuilles neerleggen. Ik ben er trots op dat het antwoord dat ik meer en meer om me heen hoor een overduidelijk neen is. Neen, zeker weten van niet. Juist nu zullen we onze verantwoordelijkheid moeten nemen. Niet voor de storm van asociale maatregelen die op onze inwoners afkomt, dat is de verantwoordelijkheid van onze huidige regering. Maar wel hoe we daar lokaal het beste van gaan maken, door de pijn zo eerlijk mogelijk te verdelen en de sterkste schouders de zwaarste lasten te laten dragen. Met de principes van de PvdA dus als leidraad. Uiteraard zou ik zeggen.